Drie miljoen daken, nul cent terug: de economie achter het einde van de salderingsregeling
Op 1 januari 2027 verdwijnt de salderingsregeling in Nederland in een keer. Geen geleidelijke afbouw, geen overgangsjaar. De Eerste Kamer nam de Wet beeindiging salderingsregeling aan op 17 december 2024. Daarmee verliezen huishoudens met zonnepanelen het recht om teruggeleverde stroom een-op-een weg te strepen tegen verbruikte stroom.
Het gaat om veel daken. Op ongeveer drie miljoen Nederlandse woningen liggen panelen, waarvan een half miljoen op corporatiewoningen. Voor die huishoudens verandert niet de techniek en niet de hoeveelheid zon. Wat verandert is de prijs die ze voor hun eigen stroom terugzien.
Diezelfde beweging speelt in de Verenigde Staten, maar via een andere knop. Toezichthouders in 27 staten lieten netbedrijven hogere vaste maandtarieven invoeren en tegelijk de prijs per kilowattuur verlagen, meldde PV Magazine op 23 mei 2026 (zie de ontwikkelingen-feed). Het effect is hetzelfde als hier: het prijssignaal dat zonnestroom aantrekkelijk maakt, wordt platgedrukt.
Hoe we hier kwamen
Saldering bestaat sinds 2004 en was simpel. Wie meer stroom opwekte dan verbruikte, mocht het overschot wegstrepen tegen later verbruik, inclusief energiebelasting en btw. Het net fungeerde als gratis batterij. Dat maakte panelen voor miljoenen huishoudens rendabel binnen ongeveer zeven jaar. Het hielp Nederland aan een van de hoogste daksolar-dichtheden ter wereld.
Precies dat succes werd het argument om te stoppen. De gratis-batterijfunctie is een subsidie die andere afnemers betalen via hun nettarief. En het net kan de middagpieken steeds slechter aan. Een meerderheid in beide Kamers vond de regeling te duur geworden voor wat ze oplevert.
De economie erachter
Het pijnpunt zit niet in de afschaffing zelf, maar in wat ervoor in de plaats komt. Bij de meeste vaste contracten is de terugleververgoeding netto 0 tot 0,5 cent per kilowattuur, omdat leveranciers terugleverkosten in rekening brengen. Tegelijk betaalt een huishouden in 2025 ruim 12 cent energiebelasting per verbruikte kilowattuur, inclusief btw. Dat gat tussen leveren en afnemen is de kern van het probleem.
De Amerikaanse variant laat dezelfde logica zien. Door vaste aansluitkosten te verhogen en het variabele tarief af te vlakken, verkleinen netbedrijven het verschil tussen dure avonduren en goedkope zonne-uren. Net metering verschuift daar van volledige retailvergoeding naar een avoided cost-tarief dat 40 tot 60 procent lager ligt. Dat verschil is precies waar een thuisbatterij geld mee verdient. Wordt het kleiner, dan verdwijnt de prikkel om te investeren.
De winnaars en verliezers zijn duidelijk. Netbeheerders en leveranciers krijgen een stabieler inkomstenmodel en minder middagpieken om op te vangen. Huishoudens die nu salderen, zien hun rendement dalen. Tegelijk ontstaat een tegenbeweging. Een thuisbatterij van rond 5.000 euro na fiscaal voordeel verdient zich terug in zeven tot tien jaar, bij een levensduur van vijftien tot twintig jaar. De stroom blijft fysiek goedkoop. De vraag is wie de waarde ervan mag houden.
Implicatie voor de energie-stack
Voor de energie-stack is dit een leerzaam geval. Zonnestroom op het eigen dak heeft een marginale kostprijs die richting nul gaat. In 2025 waren er ruim 580 uur met negatieve stroomprijzen op de Nederlandse markt, ongeveer 7 procent van alle uren. Fysiek is er op die momenten teveel stroom, niet te weinig. De schaarste zit niet in de zon of in de panelen, maar in het tariefontwerp eromheen.
Dat is de kern van de Alithea-analyse: schaarste is een ontwerpkeuze. Saldering was een ontwerp dat overvloed doorgaf aan het huishouden. De terugleververgoeding van bijna nul is een ander ontwerp dat diezelfde overvloed terugtrekt naar het systeem. Geen van beide volgt uit de natuurkunde. Het zijn beleidskeuzes, en ze zijn omkeerbaar.
Wat te volgen
Drie indicatoren bepalen hoe dit de komende twaalf maanden uitpakt. Ten eerste de hoogte van de terugleververgoeding onder het nieuwe regime: blijft die bij nul, of dwingt concurrentie tussen leveranciers hem omhoog. Ten tweede het tempo van thuisbatterij-installaties, de duidelijkste graadmeter of huishoudens de waarde zelf gaan vasthouden. Ten derde het aantal Amerikaanse staten dat overstapt op avoided cost-vergoeding, als voorbode van waar het Nederlandse model heen kan bewegen.