Een e-bike van 1.295 dollar, terwijl de Nederlandse e-bike gemiddeld 2.872 euro kost
Een e-bike van 18 kilo, met een accu van 360 Wh, kost in de Verenigde Staten 1.295 dollar. Een Electrek-redacteur testte het model, de Ride1Up Roadster V3, deze week ook buiten het asfalt. Zijn bevinding: ongeveer 70 kilometer per lading in de stad en 57 kilometer bij een gemengde rit met onverhard terrein. Het is geen krachtige fiets, schrijft hij zelf. Maar hij werkt.
Rekent men het door, dan verbruikt zo'n fiets ruim 5 Wh per kilometer (360 Wh gedeeld door 70 km, eigen berekening). Een rit van 10 kilometer kost dus ongeveer 50 Wh aan stroom. Het is de goedkoopste vorm van gemotoriseerd vervoer die er bestaat.
In Nederland ziet de markt er heel anders uit.
Hoe we hier kwamen
Tussen 2015 en 2025 groeide de Nederlandse fietsmarkt in waarde met meer dan 60 procent, vooral door het elektrische segment. Dat blijkt uit de marktcijfers van bike-eu over 2025.
Het volume vertelt een ander verhaal. In 2025 gingen in Nederland 795.968 fietsen over de toonbank. Dat is 7 procent minder dan in 2024 en het laagste niveau in veertig jaar. Van die fietsen waren er ongeveer 391.000 elektrisch, 4,4 procent minder dan een jaar eerder. De totale omzet daalde met 1,3 procent tot 1,533 miljard euro.
De gemiddelde e-bike kostte in 2025 2.872 euro, 6 procent meer dan een jaar eerder. Volgens dezelfde bron steeg de gemiddelde prijs van fietsen en e-bikes samen meer dan twee keer zo snel als de inflatie.
De economie erachter
De waarde van de markt groeit dus dankzij de prijs, niet dankzij meer fietsen. Dat is een klassiek patroon in een volwassen markt: de eerste kopers zijn bediend, de rest wacht, en aanbieders schuiven op naar duurdere modellen. De Nederlandse e-bike is een kwaliteitsproduct geworden. Onafhankelijke fietsenmakers hebben 89 procent van het e-bikevolume, met service als verdienmodel.
Het verschil met de Amerikaanse 1.295 dollar is dus geen kwestie van techniek. De fiets uit het artikel heeft een kleine accu, een eenvoudige motor en weinig extra's. Een Nederlandse forensenfiets heeft een zwaardere accu, robuustere onderdelen en een dealer om de hoek. Beide ontwerpen zijn een keuze. Wie de prijs als vaste grens ziet, kijkt langs die keuze.
Het tweede-orde effect zit in het gebruik. Het Kennisinstituut voor Mobiliteit (KiM) vond in longitudinale reisdata dat e-bikeritten vooral gewone fietsritten vervangen. Alleen voor woon-werkverkeer worden ook autoritten vervangen. De substitutie van auto en openbaar vervoer is kleiner dan eerdere studies suggereerden. Dat is een rebound-effect in de breedte: er wordt meer en verder gefietst, maar niet automatisch minder gereden.
De cijfers over de auto maken dat zichtbaar. Het KiM meldt dat het gemotoriseerde wegverkeer in 2024 137,5 miljard kilometer aflegde, waarvan 70 procent met personenauto's. Het instituut verwacht dat e-bikegebruik tot 2030 met 40 procent stijgt en gewoon fietsen met 11 procent daalt. Wie wint? De fietser met een lange route. Wie verliest? Vooral de gewone fiets, en in mindere mate de auto.
Implicatie voor de energie-stack
In de energie-stack is de e-bike een uitzonderlijk geval: de energiekosten per kilometer zijn zo laag dat ze in de totale kosten nauwelijks meetellen. De drempel zit in de aanschaf, niet in de stroom. Een accu van 360 Wh is klein genoeg om thuis aan een gewoon stopcontact te laden.
Dat maakt de prijs van het frame, de motor en de accu de bepalende schaarste. Die is deels ontworpen: modellen worden in Nederland steeds duurder, terwijl de Amerikaanse markt laat zien dat een bruikbare fiets voor veel minder kan. Ook de tijd-stack is hier relevant: een kortere, voorspelbare reistijd per kilometer is de eigenlijke opbrengst. De recente fietsontwikkelingen staan in de ontwikkelingen-feed.
Een kanttekening hoort erbij. Een goedkope fiets uit het buitenland heeft in Nederland geen dealernetwerk, en dat netwerk is precies wat de Nederlandse prijs rechtvaardigt. Of het prijsverschil blijft bestaan, hangt dus af van service, niet van techniek.
Wat te volgen
Drie indicatoren geven het komende jaar uitsluitsel. Eén: het aantal verkochte e-bikes in Nederland over 2026 ten opzichte van de 391.000 van 2025. Twee: de gemiddelde e-bikeprijs, nu 2.872 euro. Daalt die, dan komt er concurrentie van onderaf. Drie: de KiM-cijfers over het aandeel van de auto in de 137,5 miljard kilometer. Alleen als dat aandeel daalt, vervangt de e-bike daadwerkelijk autoritten.